Alchemie 2012-2016

Nigredo, Albedo, Rubedo.

De mystieke ervaring die in mijn werk centraal staat, zien we terug ook in de filosofische Alchemie. Chymia’ is een oude term voor Alchemie. Alchemie is geen proto-chemie maar beschrijft deze mystieke dood in beeldspraak die ontleend is aan het delven van ertsen, het fijnhakken ervan en het verbranden en smelten opdat het goud – het Licht – te voorschijn komt. Deze ingrijpende ervaring wordt in de Alchemie aangeduid als ‘Opus Magnum’ of ‘Het Grote Werk’. De verschillende bewustzijnsstaten worden weergegeven door middel van kleuren: Nigredo (Zwart), Albedo (Wit) en Rubedo (Rood). Soms zit Citrinitas (Geel) tussen Albedo en Rubedo in.
Anselm Kiefer is een hedendaagse kunstenaar, die veelvuldig gebruik maakt van alchemistische beelden.

De drie kleuren van het alchemistische Opus Magnum zijn terug te vinden in schilderijen die ik heb gemaakt bij een gedicht van Paul Celan: ‘Chymisch’. Bij de twee grote doeken op deze webpagina, het ene wit of Albedo, het tweede rood  of Rubedo, wil ik nog een derde doek maken. Een zwart doek: Nigredo. In grote deze doeken tracht ik de verschillende bewustzijnsstaten, dus de verschillende fasen van dit alchemistische transformatieproces op niet-figuratieve wijze weer te geven. Abstract met in het beeld flarden van de tekst van het gedicht van Celan dat onder aan deze pagina is terug te vinden. Ieder doek is 200 x 160 cm.

‘In het gedicht ‘Chymisch’ verbindt Celan de hel van de concentratiekampen met de hel van deze innerlijke ervaring die de mens uiteindelijk begiftigt met het spirituele koningschap. Maar niet, weet ook Celan, nadat hij in dit alchemistische proces, als gouderts is vernietigd en verbrand. Gekookt. Op dat moment, verliest men het vermogen tot spreken en wordt men geconfronteerd met een enorme innerlijke ruimte, gevuld met zielen. Al diegenen, die mee verbrand zijn. Celan eindigt zijn gedicht met de woorden: königlich. Koninklijk en hij doet dat in het besef dat het hier in de Alchemie gaat om de koninklijke weg van het bewustzijn naar het Licht dat we goddelijk noemen.

Chymisch

Schweigen, wie Gold gekocht, in
verkohlten
Händen.
Große, graue,
wie alles Verlorene nahe
Schwestergestalt:
Alle die Namen, alle die mit-
verbrannten
Namen. Soviel
zu segnende Asche. Soviel
gewonnenes Land
über
den leichten, so leichten
Seelen-
ringen.
Große. Graue. Schlacken-
lose.
Du, damals.
Du mit der fahlen,
aufgebissenen Knospe.
Du in der Weinflut.
(Nicht wahr, auch uns
entließ diese Uhr?
Gut,
gut, wie dein Wort hier vorbeistarb.)
Schweigen, wie Gold gekocht, in
verkohlten, verkohlten
Händen.
Finger, rauchdünn. Wie Kronen, Luftkronen
um –
Große. Graue. Fährte-
lose.
König-
liche.